Kwartet #homo

“Mag ik die prullenbak?” Verlekkerd kijkt K naar het ding waar ik een euro of 200 teveel voor heb betaald. De schat heeft al een vrijwel onbeslapen tweepersoons Boxspring gekregen; over de overige meubels die de weg naar zijn huis hebben gevonden, heb ik het niet eens.

“Nee. Nu is het genoeg.”

Hij lacht. Oké dan niet.

Hij is leuk. Lief. Ambitieus. Twintig jaar jonger. Ik hou van hem.

K is homo en zoals het gaat met homo’s: dol op me.

En dat is totaal wederzijds.

Vandaar dat hij inmiddels al meer dan een uur mijn spullen aan het inladen is. Er moet weer ‘ns verhuisd worden.

“Eeb. Ik ben zo verliefd. Zóóóooooo verliefd. Hij is zooooo leuk.”

Maanden, wat zeg ik, JAREN heb ik R vermoeid met mijn kansloze object van affectie. Nu is het zijn beurt voor de ‘En toen zei hij dit en deed ik dat’ verhalen. Kansloos. Jaren sprak R me moed in. Totdat hij ‘m ontmoette. En concludeerde: “Eeb. Hij vindt je leuk. Echt leuk. Weet je wat hij tegen me zei? Dat hij je het liefst elke dag zou willen zien.”

R is lief. Grappig. Anders. Tien jaar jonger. Ik hou van hem.

Ook R is homo. Dol op me – uiteraard. 

Ook dat is wederzijds.

Dus nu hoor ik zijn mannendrama aan. Uiteraard is het een drama, anders zouden we geen vrienden zijn. 

“Wil je m’n column lezen?”

M is een stuiterbal. Een miljoenmiljard ideeën, energie voor 1000 en in zijn twintigjarigbestaan meer meegemaakt dan de doorsnee vijftigjarige. 

Tuurlijk wil ik zijn column lezen. 
M is gedreven. Leergierig. Behulpzaam en hartelijk. Ik ken hem nog niet zo lang maar ik ga wel van hem houden, dat weet ik nu al.

Homo hé? Dol op me.

Rücksichtsloos corrigeer ik zijn column. Nou ja, een ander zou het redigeren noemen maar corrigeren is het juiste woord. 

“Ebru, wat vind jij, moet ik mijn huis verkopen?”

P en ik delen al meer dan 20 jaar (o.a.) de liefde voor onze woningen. Investeren in onze woningen staat gelijk aan liefde voor onszelf. We leven er immers in, dag in dag uit. P is net zo oud als ik. We werken allebei vanuit huis. Ik ben de enige die het een belachelijk idee vindt dat hij zijn huis zou verkopen. Daarom vraagt hij het ook aan mij. Ik ben de enige die normaal is. Nou ja, net zo normaal als hij dan hé? “Als je man blijft zeuren, ga je maar scheiden. Kunnen wij eindelijk trouwen.” Wishful thinking. Sinds homo’s mogen trouwen, ben ik overgebleven. Ik ben duidelijk geen marriage material. Kun je moeilijk over doen, maar het is wel zo. Ongetrouwd en inmiddels al diep in de tweede helft van mijn leven, triester wordt het niet. 

Godzijdank sparen homo’s single vrouwen. En sparen single vrouwen homo’s. Inmiddels ben ik #winning en heb ik kwartet: vier homo’s in mijn leven. Vier mannen die me wél begrijpen. Vier mannen die niet beweren in scheiding met hun vrouw te liggen. Vier mannen die niet zeuren. Vier mannen die wél van aanpakken weten. Vier mannen op wie je wél kunt bouwen. Vier mannen die wél man zijn en zelf hun problemen kunnen oplossen. 

Ja, vier mannen en nul seks. 

Hetzelfde resultaat als ieder uitgeteld huwelijk van leeftijdsgenoten.

Maar dan zonder het scheidingdrama dat niet plaatsvindt. #winning


Ben jij #teamebru?